Zodra je van de veerboot stapt en voor het eerst diep inademt, voel je het meteen. Een mengeling van wilde tijm, rozemarijn, mirte en door de zon geblakerde aarde vormt de geur die de Corsicanen maquis noemen. Maar dit groene eiland midden in de Middellandse Zee draait lang niet alleen om romantische stranden en luieren. Het is een heus gebergte dat iemand pakte en in zee gooide, met de hoogste toppen als decor voor een van de grootste avonturen van Europa. Een vakantie op Corsica betekent dus niet automatisch nietsdoen op het strand.
Ben je op zoek naar een trektocht die je fysiek volledig uitperst, je mentaal op de proef stelt en je tegelijk de mooiste bergpanorama’s voorschotelt? Dan ben je hier aan het juiste adres. Corsica is ruig, trots en in de bergen vergeeft het geen fouten. De legendarische route GR20 loopt dwars over het hele eiland en belooft een ervaring waarover je nog op je oude dag zult vertellen.
Laten we samen alles bekijken wat je moet weten voordat je je wandelschoenen aantrekt. Ik leg je uit hoe je de hele expeditie plant, waar je etappes kunt inkorten en waar je in de bergen het meest op moet letten.

Samenvatting
- Lengte en hoogteverschil: De route is ongeveer 180 kilometer lang en het totale hoogteverschil bedraagt een brute 12.000 meter.
- Tijdsduur: Voor een gemiddelde wandelaar duurt de oversteek van het hele eiland 15 tot 16 dagen.
- Overnachten onderweg: Wildkamperen is streng verboden, je slaapt uitsluitend bij berghutten (refuges).
- Reserveren: Voor 2026 is het absoluut noodzakelijk om plekken in de hutten of kampeerplaatsen vele maanden van tevoren te boeken.
- Beste periode: De ideale omstandigheden heersen van half juni tot begin juli, of in de loop van september.
- Zwaarte: Dit is geen gewone wandeling, je krijgt te maken met technisch klimwerk over rotsen en het vasthouden aan kettingen.
- Verdeling van de route: De noordelijke helft is duidelijk zwaarder en rotsachtiger, de zuidelijke is wat groener en milder.

Wanneer ga je naar Corsica en de bergen in
Het kiezen van het juiste tijdstip is voor een succesvolle afronding van de trek absoluut cruciaal. De meeste berghutten zijn open van eind mei/begin juni tot begin oktober. Vertrek je eerder, dan riskeer je dat er in de hoogste passen nog een gevaarlijke hoeveelheid sneeuw ligt en dat je de veiligheid van de hutten mist. De beste maanden voor de oversteek zijn zonder twijfel juni en september. In juni zijn de dagen het langst, ontwaakt de natuur en zijn de temperaturen in de bergen veel draaglijker voor een hele dag fysieke inspanning met een zware rugzak. In september is de dag al wat korter, maar het weer is stabieler en bovendien kun je jezelf na de afdaling belonen met een duik in de zee, die na de zomer heerlijk warm is.
De maand die je met een grote boog moet vermijden, is zonder discussie augustus. Niet alleen zijn er dan twee tot drie keer zoveel toeristen op Corsica als in andere maanden, maar er heerst ook een extreme hitte die steile beklimmingen tot echte hellevuren maakt. In de augustusdagen ontstaan er bovendien ’s middags regelmatig gevaarlijke en razendsnelle warmteonweders in de bergen. Augustus brengt ook een enorme stijging van alle vervoersprijzen met zich mee. Waar je buiten het seizoen een redelijk bedrag voor de veerboot betaalt, kan een retourticket voor twee personen met een auto in augustus zomaar tussen de 250 en 1000 euro kosten.
Het eiland bereik je het makkelijkst met de boten van Corsica Ferries, die vanuit meerdere Franse havens vertrekken. De snelste verbinding is die van Nice naar Bastia, die ongeveer zes tot zeven uur duurt. Kies je voor vertrek uit Toulon, reken dan op acht tot tien uur varen. Het langst zit je op de boot bij de overtocht vanuit Marseille, vanwaaruit de reis gerust veertien uur kan duren. Wil je liever vliegen vanuit Nederland, dan brengt KLM of Transavia je vanaf Amsterdam in een paar uur naar de luchthavens van Bastia, Ajaccio, Calvi of Figari, vaak gunstiger geprijsd dan een dure veerovertocht in het hoogseizoen. De wegen veranderen in deze zomerperiode bovendien in één grote parkeerplaats en de mooiste stranden zijn hopeloos overvol. Plan je reis daarom het liefst buiten de Franse en Italiaanse schoolvakanties, zodat je het eiland in alle rust kunt beleven.

Waar overnachten voor en na de trektocht
💡 Tip voor accommodatie en activiteiten: Onze overnachtingen zoeken we het liefst op Booking.com, waar je meestal de beste annuleringsvoorwaarden vindt. Tickets, excursies en activiteiten kun je het beste vergelijken en boeken via GetYourGuide.
Voor het begin van de trek en na de afronding ervan heb je beslist een goede uitvalsbasis nodig om weer op krachten te komen. Het noordelijke startpunt ligt in het dorpje Calenzana, terwijl het zuidelijke in het plaatsje Conca te vinden is. Ik raad aan om je accommodatie op deze punten ruim van tevoren via Booking te regelen, want in het seizoen zijn de plekken razendsnel vergeven. Begin je in het noorden, dan is Calenzana zelf of het nabijgelegen kustplaatsje Calvi een ideale uitvalsbasis. In Calvi kun je voor de trek langs de enorme historische citadel wandelen, die op een rotsachtige punt boven de zee oprijst, en de sfeer in de geplaveide steegjes opsnuiven.
In Calenzana zelf biedt hotel A Flatta een prima rustplek voor de reis, gelegen in een rustige omgeving met uitzicht op de bergen. Een goedkoper alternatief voor backpackers is de plaatselijke Gîte d’étape, waar je een hoop andere enthousiastelingen ontmoet die zich op dezelfde tocht voorbereiden. Na het afronden van de trek in het zuiden bij Conca trekken de meeste uitgeputte wandelaars naar het nabijgelegen badplaatsje Porto-Vecchio. Hier kun je jezelf na twee weken ontbering wat welverdiende luxe gunnen en de mooiste stranden van het eiland bezoeken. Heel geliefd is Hotel Costa Salina, dat direct aan de haven ligt en een enorm zwembad heeft voor je gesloopte spieren. Voor een rustiger verblijf dicht bij de stranden kun je het gezellige Le Goéland proberen.
Vanaf hier kun je makkelijk naar het beroemde strand Palombaggia, dat omzoomd is door de kronen van parasoldennen en waar hier en daar fotogenieke rode porfierrotsen uit het water steken. Ook de baai van Santa Giulia is een bezoek waard, gevormd tot een perfecte hoefijzervorm met een ondiepe natuurlijke lagune. Een prachtige keuze is ook het strand Rondinara, dat met zijn vorm aan een schelp doet denken en in 2019 zelfs in de top 10 van beste stranden ter wereld belandde. Heb je een auto, rijd dan zeker even naar het nabijgelegen Bonifacio. De huizen daar balanceren op de rand van felwitte kliffen en je kunt er de legendarische 187 treden van de Escalier d’Aragon afdalen, die rechtstreeks in de steile rotswand onder de citadel zijn uitgehouwen.

11 tips voor de GR20 op Corsica
Laten we eens kijken naar de concrete tips en adviezen die je helpen je voor te bereiden op de zwaarste trektocht van Europa. Van logistiek via fysieke voorbereiding tot het verblijf in de bergen zelf.

1. Waarom dit eigenlijk de zwaarste trektocht van Europa is
Als iemand zegt dat een route de zwaarste van Europa is, denken veel mensen meteen aan een enorme afstand. De realiteit van de GR20 is echter wat anders en veel verraderlijker. De hele route is in totaal zo’n 180 kilometer lang, wat een ervaren wandelaar op gewoon vlak terrein moeiteloos in een paar dagen zou afleggen. De voornaamste reden waarom mensen de trek zo vaak opgeven, is het extreme profiel en het brute hoogteverschil. Tijdens de aanbevolen 16 etappes klim je namelijk ongelofelijke 12.000 hoogtemeters, wat je in werkelijk elke spier voelt.
Dat is ongeveer hetzelfde als wanneer je vanaf zeeniveau de Mount Everest zou beklimmen en dan nog tot halverwege opnieuw. Elke dag wachten je steile klimmen naar bergpassen en de daaropvolgende steile afdalingen, die voor je knieën vaak veel zwaarder zijn dan de weg omhoog. Het terrein bestaat bovendien beslist niet uit zachte bospaadjes of mooi onderhouden wegen. Het grootste deel van de tijd spring je over enorme granieten rotsblokken, baan je je een weg door puinhellingen en zoek je houvast op gladde rotsplaten.
Dit is geen klassiek wandelen, maar veel vaker het zogenaamde scramblen, oftewel technisch klimmen met een moeilijkheidsgraad drie tot vier. Je moet regelmatig je handen gebruiken, je optrekken aan stalen kettingen en voortdurend balanceren in lastig terrein. Het is geen gewone wandeling, het is constant werk met je hele lichaam en volledige concentratie bij werkelijk elke stap.
💡 Tip: De voortgang wordt hier niet in kilometers gerekend, maar uitsluitend in uren. Vaak doe je over een stuk van slechts drie kilometer meer dan twee volle uren, houd daarom altijd een ruime tijdsmarge aan.
2. Het noordelijke versus het zuidelijke deel van de route
De trek splitst zich heel natuurlijk in twee helften, gescheiden door een klein treinstation in het plaatsje Vizzavona. De noordelijke helft wordt over het algemeen als duidelijk zwaarder beschouwd, veel technischer en alles bij elkaar een ruigere ervaring. Juist hier liggen de steilste etappes, waar je heel vaak je handen gebruikt om te klimmen en je vasthoudt aan stalen kettingen. Het landschap in het noorden doet denken aan een hooggebergtewildernis vol scherpe granieten toppen en diepe afgronden, die je mentaal flink op de proef stellen.
Begin je in Calenzana, dan laat het eiland je al in de eerste drie dagen zijn onverbiddelijke gezicht zien. Veel toeristen beëindigen hun avontuur juist in deze beginfase, simpelweg omdat ze hun krachten en de technische zwaarte van het terrein verkeerd inschatten. De zuidelijke helft, van Vizzavona omlaag naar het eindpunt Conca, is daarentegen wat milder en duidelijk groener. Je loopt door geurende dennenbossen, grasvlaktes en je komt over het geheel genomen veel meer waterbronnen tegen.
Onderweg naar het zuiden zal het gebied Aiguilles de Bavella je beslist verbazen, fascinerende getande granieten torens die boven de bossen uitrijzen. Dit gebied is overigens ook een enorm paradijs voor klimmers en liefhebbers van canyoning. Toch is het nog steeds geen zondags wandelingetje door het stadspark, want ook het zuiden heeft zijn steile passen en sterke dalingen. Het aantal puur klimtechnische passages neemt hier echter merkbaar af en de voortgang is wat vloeiender.
💡 Tip: Ben je niet zeker van je conditie, kies dan om te beginnen alleen het zuidelijke deel, dat wat genadiger is voor je lichaam en niet zulke klimvaardigheden vereist.

3. Etappes en berghutten (refuges)
De hele route is officieel verdeeld in 16 zeer zware etappes die je uithoudingsvermogen op de proef stellen. De meeste gedrukte gidsen raden aan om het tempo van één etappe per dag aan te houden, zodat je je lichaam niet overbelast. Dat betekent ongeveer zes tot acht uur netto lopen per dag, en dan rekenen we de pauzes voor rust en eten nog niet mee. Superfitte mensen voegen soms twee etappes samen tot één, maar dat vereist echt een topconditie en vroeg opstaan in het pikkedonker.
Aan het einde van elke etappe wacht je een berghut, die ze op Corsica refuge noemen. Deze hutten worden beheerd door het Corsicaanse nationaal park en zijn echt maar heel basaal uitgerust. Verwacht geen Oostenrijkse of Zwitserse standaard met een verwarmde eetzaal en een zacht bed. Je slaapt op simpele stapelbedden in krappe slaapzalen, de douches hebben vaak alleen koud water en de toiletten zijn meestal klassieke hurktoiletten.
Gelukkig kun je in elke hut wel een basale warme maaltijd kopen om de noodzakelijke calorieën aan te vullen. Meestal wordt er eenvoudige pasta geserveerd, een stevige linzensoep en heerlijke lokale schapenkaas. Na een zware dag zal zelfs een gewone hete soep of het beroemde Corsicaanse kastanjebier Pietra je als de grootste luxe ter wereld voorkomen. De voorraden worden vaak per helikopter of op muildieren naar de hutten gebracht, dus reken op een bijbehorende hooggebergtetoeslag.
💡 Tip: Heb altijd voldoende kleine eurobiljetten contant bij je, in de bergen worden pinpassen absoluut niet geaccepteerd en een geldautomaat vind je hier nergens.
4. Hoe en wanneer je accommodatie voor 2026 reserveert
Dit is een absoluut essentieel punt van de hele voorbereiding, dat je niet mag onderschatten. Wildkamperen buiten de aangewezen plekken bij de hutten is op Corsica streng verboden en wordt onder hoge boetes gecontroleerd. Vanwege de enorme populariteit van de trek in heel Europa is de logistiek en planning tegenwoordig vaak ingewikkelder dan het lopen zelf. Voor de komende seizoenen geldt de onverbiddelijke regel dat je je plekken vele maanden van tevoren online moet reserveren.
Het reserveringssysteem van het Corsicaanse nationaal park gaat meestal begin van het kalenderjaar open en de vrije plekken verdwijnen letterlijk in razend tempo. Je kunt een bed binnen in de hut reserveren, de huur van een door het park opgezette tent buiten, of alleen een plek om je eigen tent op te zetten. Vertrek je zonder geldige reservering, dan riskeer je meteen de eerste dag enorme problemen. De parkwachters kunnen je onverbiddelijk weigeren te laten overnachten en je terugsturen naar het dal.
In de bergen, waar je nergens anders heen kunt, vormt dit een reëel gevaar en het onmiddellijke einde van je tocht. Ook als je je eigen tent draagt en op jezelf vertrouwt, moet je vooraf een plek hebben gereserveerd en betaald waar je hem ’s nachts mag opzetten. Het nationaal park probeert zo de enorme toeloop van toeristen te reguleren en de kwetsbare bergnatuur tegen vernietiging te beschermen.
💡 Tip: Print je reserveringsbevestiging altijd zorgvuldig op papier uit. In de bergen is er vaak helemaal geen bereik en telefoons gaan in de kou heel snel leeg.

5. Legendarische trajecten en de Cirque de la Solitude
De grootste schrik en tegelijk de legende van de hele trek was jarenlang het traject dat de Cirque de la Solitude heet. Deze donkere en zeer steile rotskom vereiste het afdalen langs verticale kettingen en ijzeren ladders pal boven een diepe afgrond. Het was zonder twijfel het zwaarste en meest blootgestelde deel van de hele GR20. In 2015 vond hier echter een enorme tragedie plaats, toen een massale grondverschuiving na een hevig onweer enkele toeristen bedolf.
Sindsdien is de oorspronkelijke route over de Cirque de la Solitude officieel en permanent gesloten. Hij is vervangen door een compleet nieuwe variant, maar denk vooral niet dat de nieuwe route ook maar enigszins eenvoudig is. De nieuwe route loopt over de zware pas Pointe des Éboulis en stijgt tot een respectabele hoogte van ruim 2.600 meter boven zeeniveau. Je bevindt je dan slechts een klein stukje onder de top van de hoogste berg van het hele eiland, de majestueuze Monte Cinto.
Het is een ontzettend ruige en eindeloze beklimming over instabiel en wegglijdend puin, die je laatste fysieke krachten opslokt. Je moet je voortdurend concentreren op precies waar je je voeten neerzet, zodat er geen steen onder je wegglijdt. De schitterende uitzichten vanaf de top over de omliggende rotsachtige toppen maken uiteindelijk echter elke druppel zweet die je op de helling achterlaat ruimschoots goed.
💡 Tip: Vertrek voor deze specifieke etappe echt heel vroeg in de ochtend, middagonweders zijn op deze hoogte extreem gevaarlijk en die wil je niet op een bergkam meemaken.
6. Fysieke voorbereiding en ervaring
Voor het bedwingen van de GR20 hoef je weliswaar geen professionele klimmer met complete uitrusting te zijn, maar je moet wel in absoluut topconditie verkeren. Essentieel is vooral een zekere tred in blootgesteld terrein en het vermogen om dagen achtereen op hoogte te functioneren met een zware rugzak op je rug. De voorbereiding voor vertrek mag je beslist niet onderschatten, anders neem je heel snel afscheid van de trek.
Gewoon hardlopen op het vlakke in het stadspark helpt je hier echt niet om de steile rotsen te overwinnen. Je moet actief trainen op het lopen tegen steile hellingen op, idealiter al met een rugzak die exact zoveel weegt als je van plan bent mee te nemen naar het eiland. Je lichaam moet geleidelijk wennen aan de dagelijkse belasting en je knieën moeten grondig voorbereid zijn op de eindeloze schokken bij steile afdalingen naar diepe dalen.
Heb je ook maar de geringste hoogtevrees, dan is deze trek waarschijnlijk helemaal niet geschikt voor jou. Je zult namelijk regelmatig plekken overwinnen waar het pad maar één voet breed is en zich pal onder je een afgrond van honderd meter opent. Een zekere tred, perfect evenwicht en een koel hoofd zijn hier een absolute noodzaak, want paniek op een gladde rotsplaat kan zeer ernstige gevolgen hebben.
💡 Tip: Richt je in je training vooral op eindeloze afdalingen, die zijn voor ongetrainde benen meestal veel pijnlijker en slopender dan de beklimmingen zelf.
7. Wat neem je mee in je rugzak
Voor de hele trek geldt één heel eenvoudige en onverbiddelijke regel. Onthoud dat je elke gram die je op je rug draagt al snel zult haten. Je voornaamste doel zou moeten zijn om zo te pakken dat het basisgewicht van je rugzak zonder water en eten de 10 tot 12 kilogram niet overschrijdt. Zodra je rugzak zwaarder wordt dan deze magische grens, verlies je heel snel het zo broodnodige evenwicht op de technische rotspassages.
De sleutel tot succes is slim laagjes dragen van kwalitatieve merinowol, die zelfs na meerdere dagen intensief dragen niet gaat stinken. De avonden in de bergen zijn na zonsondergang verrassend koud, dus een goede donsjas en een lichte maar voldoende warme slaapzak zijn een absolute must. Ook al slaap je binnen in de hutten in een bed, een eigen slaapzak is om hygiënische redenen op het eiland volstrekt verplicht.
Vergeet niet je eersteklas en stevige trekkingschoenen, die je thuis al perfect hebt ingelopen. Neem in geen geval gloednieuwe schoenen mee, pijnlijke blaren zouden je al op de derde dag onverbiddelijk uitschakelen. Pak ook een betrouwbaar waterfilter of tabletten om water te zuiveren in, een goede EHBO-set met voldoende pleisters en een krachtige hoofdlamp voor de vroege ochtendstarts.
💡 Tip: Trekkingstokken zijn geen optioneel wandelaccessoire, op de GR20 redden ze letterlijk je knieën van totale vernieling in de eindeloze en steile afdalingen.
8. Hoe kom je bij het startpunt
Bij het startpunt van de trek komen vereist wat logistieke planning, maar het is niets onoverkomelijks. Corsica heeft weliswaar vier internationale luchthavens, en vanuit Nederland vlieg je met KLM of Transavia vanaf Amsterdam rechtstreeks naar Bastia, Ajaccio, Calvi of Figari. Wie liever de auto meeneemt, kiest voor de comfortabelere overtocht per veerboot vanaf het Franse of Italiaanse vasteland. De boten van Corsica Ferries vertrekken meestal vanuit de Franse steden Nice, Toulon of Marseille.
Vanuit Nice duurt de overtocht ongeveer zes tot zeven uur, terwijl je vanuit Marseille tot wel veertien uur kunt varen. Vanuit Italië wordt daarentegen heel vaak vanaf de haven van Livorno naar de Corsicaanse steden Bastia of Ile Rousse gevaren, wat historisch gezien de allergoedkoopste variant is. Zodra je op het eiland bent en traditioneel in het noorden begint, is je voornaamste doel het toegangsdorpje Calenzana.
De makkelijkste weg ernaartoe loopt via de havenstad Calvi, vanwaaruit in het hoogseizoen regelmatig lokale bussen naar Calenzana rijden. Eventueel neem je voor die paar laatste kilometers een taxi. Besluit je de trek in omgekeerde richting van zuid naar noord te lopen, dan begin je je tocht in het dorp Conca. Hier kom je het best per bus vanuit het bekende badplaatsje Porto-Vecchio. Aan beide uiteinden van de trek vind je kleine winkeltjes voor de aankoop van je laatste voorraden.
💡 Tip: Reis je met de auto en laat je hem aan één uiteinde van de trek achter, dan moet je na het afronden van de hele route gebruikmaken van ingewikkelder busvervoer om terug te komen, wat bijna een hele dag kost.
9. Veiligheid en bewegwijzering op de route
Verdwalen op de GR20 is bij goed weer vrij lastig, mits je goed oplet en je niet haast. De hele route is namelijk heel zorgvuldig gemarkeerd met rood-witte strepen, die op rotsen, grote keien en bomen zijn geschilderd. Zodra je meer dan twintig minuten loopt en geen volgende markering ziet, ben je waarschijnlijk van het pad afgeraakt en kun je beter meteen voorzichtig terugkeren naar de laatste.
Het grootste gevaar op de route zijn verrassend genoeg niet de wilde dieren of het verdwalen, maar het onvoorspelbare en zeer agressieve bergweer. Middagonweders komen op Corsica met ongelofelijke snelheid en enorme kracht opzetten. Gladde granieten rotsen veranderen binnen een paar minuten regen in een gevaarlijke ijsbaan en een blikseminslag op blootgestelde rotskammen is een reële en frequente dreiging.
De gulden regel van alle ervaren bergbeklimmers is daarom om meteen bij de eerste ochtendschemering aan een etappe te beginnen, idealiter al rond vijf uur ’s ochtends. Het doel is om de hoogste en meest blootgestelde passen veilig achter de rug te hebben nog vóór de middag, voordat de typische zware onweerswolken zich beginnen te vormen. ’s Middags zou je idealiter al veilig in de hut moeten uitrusten.
💡 Tip: Vraag ’s avonds in de hut altijd de actuele weersvoorspelling rechtstreeks aan de beheerder, de plaatselijke mensen kennen de eigenaardigheden van de Corsicaanse bergen het best en kunnen naderend gevaar inschatten.
10. Kortere varianten voor wie geen 16 dagen heeft
Helaas heeft niet iedereen de mogelijkheid om meer dan twee weken achter elkaar vrij te nemen om de hele route te lopen. Het goede nieuws is echter dat de trek heel elegant en logisch in twee kortere delen te splitsen is. Dankzij de oude smalspoorbaan die het eiland precies in het midden doorsnijdt, biedt zich een prima logistieke oplossing aan voor kortere bergtochten die je zelfs binnen één week aankunt.
Het treinstation Vizzavona ligt precies op de denkbeeldige helft van de hele route. Heb je maar beperkte tijd, dan kun je alleen het zwaardere noordelijke deel van Calenzana naar Vizzavona bedwingen. Na afronding stap je gewoon op het schilderachtige bergtreintje en rijd je comfortabel terug naar de bewoonde wereld richting de grote steden Bastia of Ajaccio, vanwaaruit je vliegtuig vertrekt of je veerboot vaart.
Net zo goed kun je daarentegen met de trein naar Vizzavona komen en alleen de zuidelijke helft lopen tot het eindpunt Conca. Deze tweede variant is helemaal geweldig voor wie de unieke sfeer van de beroemde trek wil beleven, maar zich niet aan de meest extreme noordelijke passages vol technisch klimwerk en stalen kettingen waagt.
💡 Tip: Ook de helft van de GR20 is een enorme sportieve prestatie waar je je tegenover andere bergbeklimmers beslist niet voor hoeft te schamen en die je onvergetelijke ervaringen oplevert.
11. Alternatieven op Corsica voor minder fitte mensen en gezinnen
Kom je na het inschatten van je krachten tot de conclusie dat de GR20 simpelweg boven je vermogen ligt, dan biedt Corsica gelukkig prachtige langeafstandsroutes met een veel milder profiel. Je hoeft je droom van een mooie bergoversteek dus helemaal niet op te geven, je hoeft alleen een geschikter en veiliger alternatief te kiezen. Een prima keuze is de geliefde route Mare e Monti (Van zee naar de bergen), die zich schilderachtig langs de ruige westkust van het eiland slingert. Het lopen ervan duurt ongeveer tien dagen, het totale hoogteverschil is volkomen draaglijk en je slaapt in mooie oude Corsicaanse dorpjes. Daar kun je jezelf elke avond een warme douche in een pension gunnen en na een hele dag genieten van heerlijke maaltijden in plaatselijke familierestaurants, zoals voortreffelijke pasta met verse schapenkaas brocciu of eerlijke groentesoepen.
Voor gezinnen met wat oudere kinderen of voor gelegenheidstoeristen is dan de route Mare a Mare (Van zee naar zee) absoluut voortreffelijk, die het hele eiland van west naar oost doorsnijdt. Het tempo is hier veel rustiger, de paden zijn breder en de hele sfeer van de trek is merkbaar minder stressvol. Het draait hier meer om het ontspannen ontdekken van het verborgen Corsicaanse binnenland, de diepe kastanjebossen in de streek Castagniccia en verfrissend zwemmen in heldere bergriviertjes, waar je de grote drukte betrouwbaar ontloopt.
💡 Tip: Op deze lichtere routes kun je, anders dan op de onverbiddelijke GR20, ook gebruikmaken van de heel populaire bagagetransportdiensten tussen de verschillende accommodaties, zodat je de hele tijd alleen met een lichte rugzak op je rug loopt.
Waarheen vanaf Corsica
Heb je na de trek nog een paar dagen over, ga dan zeker de rest van het eiland verkennen. Huur een auto en trek naar de prachtige turkooizen stranden in het zuiden rond Porto-Vecchio, of ontdek de fascinerende kliffen bij de historische stad Bonifacio. Een complete gids voor een roadtrip over het eiland en meer praktische tips vind je in ons uitgebreide artikel Corsica.
En als de lange bergoversteken je hart hebben gestolen en je een volgende Europese uitdaging zoekt die iets betere toeristische voorzieningen heeft en je epische uitzichten op echte gletsjers biedt, raad ik je zeker aan onze grote gids over Chamonix en de Mont Blanc te bekijken. Daar vind je alle nodige informatie over de beroemde rondtocht Tour du Mont Blanc, die wat genadiger is, maar voor het oog misschien nog een tikkeltje mooier.
🚗 Auto huren op reisGeverifieerde huurauto's in FrankrijkZoek via de DiscoverCars-vergelijker — vergelijkt prijzen van tientallen lokale en internationale verhuurders, en de meeste boekingen zijn gratis te annuleren.
Autoprijzen in Frankrijk vergelijken →Veelgestelde vragen
Hoe lang duurt het om de GR20 te lopen?
Voor gewone toeristen met een goede fysieke conditie duurt de hele route normaal gesproken 15 tot 16 dagen, wat overeenkomt met een gezond tempo van één etappe per dag. Ervaren bergbeklimmers die zonder problemen enorme hoogteverschillen aankunnen en af en toe twee etappes in één dag combineren, kunnen het in 10 tot 12 dagen voltooien. Extreme lopers oftewel skyrunners kunnen de hele route weliswaar in minder dan 40 uur afleggen, maar dat is voor de gewone sterveling met een zware rugzak volledig ondenkbaar en grenst aan onnodig gewaagd gedrag.
Is er voldoende drinkwater onderweg?
Bij vrijwel elke berghut oftewel refuge vind je een betrouwbare bron van drinkwater, waar je je voorraden voor de volgende dag kunt en moet aanvullen. Tijdens de etappes zelf, en dan vooral in het droge en rotsachtige noorden, zijn natuurlijke waterbronnen echter zeer zeldzaam en drogen ze in de warme zomer vaak volledig op. Je moet daarom altijd minimaal 2 tot 3 liter water per persoon meenemen vanaf de vroege ochtend, om gevaarlijke uitdroging in de brandende zon te voorkomen.
Kan ik de trek in omgekeerde richting lopen (van zuid naar noord)?
Ja, de hele trek kan zonder problemen in beide richtingen worden gelopen. De meeste mensen beginnen klassiek in het noorden in het dorpje Calenzana, om de zwaarste en steilste stukken achter de rug te hebben terwijl ze nog vol energie en aanvangsmotivatie zitten. Een groot voordeel van de route in omgekeerde richting van zuid naar noord is daarentegen het feit dat je het grootste deel van de dag geen vervelende zon recht in je ogen hebt schijnen, je geleidelijk went aan de zwaarte van het terrein en je onderweg wat minder massa’s tegenkomt.
Kun je op de berghutten met kaart betalen?
Absoluut niet, vergeet meteen je betaalpassen in de bergen. In het hele Corsicaanse binnenland ontbreekt op veel plaatsen een stabiel signaal, waardoor betaalterminals hier logischerwijs gewoon niet werken. Voor de hele duur van de trek moet je daarom voldoende cash geld in euro’s bij je hebben. Je hebt geld nodig om accommodatie te betalen, eventueel warm eten, je ochtendkoffie en kleine aankopen van noodzakelijke voorraad in de berghutten, waar bovendien logischerwijs een hooggebergte-toeslag wordt gerekend vanwege het ingewikkelde transport van voorraden per helikopter.
Mag ik mijn hond meenemen?
Hoewel het niet bij wet verboden is over de volledige lengte van de route, wordt het **sterk en nadrukkelijk afgeraden** om een hond mee te nemen naar het extreme noordelijke deel van de GR20. Technische trajecten met steile ladders, gladde rotsplaten en stalen kettingen zou geen enkele hond veilig aankunnen. Je zou hem op complexe wijze moeten dragen in een speciaal klimharnas boven diepe afgronden, wat extreem stressvol en zeer gevaarlijk is, zowel voor het dier zelf als voor je eigen evenwicht op de rotsen.
Kun je de GR20 solo lopen?
Ja, veel ervaren reizigers lopen deze uitdagende route helemaal solo. Bovendien ben je tijdens het hoogseizoen van juni tot september nooit helemaal alleen onderweg. Overdag kom je tal van andere enthousiastelingen tegen en ’s avonds in de hutten ontmoet je steeds dezelfde groep mensen, met wie je al snel bevriend raakt. Om veiligheidsredenen is het echter absoluut essentieel om regelmatig je familie op de hoogte te houden van je plannen en een opgeladen telefoon bij je te hebben voor noodgevallen.
Heb ik een gids nodig voor de trek?
Voor de oriëntatie in het terrein heb je geen berggids nodig, want de hele route is namelijk zeer goed en dicht gemarkeerd met rood-witte strepen. Als je echter niet zeker bent van je capaciteiten in geëxponeerd rotsachtig terrein, je ervaring mist met hooggebergtetochten of je gewoon niet wilt bekommeren om de zeer ingewikkelde logistiek en hutreserveringen, kun je gebruikmaken van de diensten van georganiseerde groepen. Deze werken ofwel via populaire platforms zoals GetYourGuide, of rechtstreeks bij lokale Corsicaanse bergagenturen.
Werkt het mobiele signaal in de bergen?
Mobiele dekking is in het binnenland van Corsica zeer onregelmatig en over het algemeen onbetrouwbaar. Op de hoogste toppen of in open bergpassen heb je vaak wel netwerk en soms vang je zelfs een Italiaanse provider van het naburige Sardinië, maar zodra je afdaalt in de diepe dalen naar de hutten zelf, verdwijnt het signaal meestal volledig. Reken er dus maar op dat je meerdere dagen volledig offline bent, en download alle benodigde offline kaarten en reserveringsbevestigingen van tevoren.
